Boxtelse energieambitie schreeuwt om uitbreiding energienetwerk

Boxtel – De torenhoge energieambities van Boxtel – energieneutraal zijn in 2030 – zijn bijna onhaalbaar zonder impopulaire maatregelen zoals de aanleg van meer hoogspanningsstations of de aanleg van windmolens en zonneparken op minder wenselijke plaatsen. Dat blijkt uit de visie zon- en windenergie, waarover de gemeenteraad vorige week werd bijgepraat.

Dat Boxtel groene ambities heeft, mag geen geheim zijn. Maar of deze ambities ook haalbaar zijn, daar waren de meningen vorige week over verdeeld. Het grootste probleem zit hem in de beperkte capaciteit van ons elektriciteitsnetwerk. Dat is van oudsher zo aangelegd, aldus Tim van Ham. Hij is woordvoerder voor Enexis Netbeheer. “Van oudsher is het elektriciteitsnet aangelegd vanuit het centrale opwekpunt, bijvoorbeeld een kolencentrale.”

Elektrische snelweg te smal
En dat werkte tot heden prima. Maar sinds een paar jaar verschijnen in torenhoog tempo wind- en zonneparken in dunbevolkte gebieden. Op deze plekken treedt minder overlast op en is de grond goedkoper. Maar het elektriciteitsnet is op deze plekken echter niet ingericht op de snel toenemende vraag.

De elektrische snelweg moet dus landelijk verbreed worden om de enorme hoeveelheid opgewekte energie te kunnen transporteren. Voor Boxtel is in de Regionale Energie Strategie (RES) bijvoorbeeld afgesproken dat er een mix van 43 hectare zonnepark of vier tot vijf windmolens wordt aangelegd om de regionale afspraken na te kunnen komen.

Maar Boxtel wil meer: in 2030 moet onze gemeente energieneutraal zijn. En daarvoor is bij de huidige energiebehoefte geen 43, maar meer dan 400 hectare zonnepark nodig, zo rekende de wethouder eerder al voor. Met de huidige netwerkcapaciteit en eisen aan de locaties voor zonnevelden is een maximum van 50 hectare mogelijk.

Doelen bijstellen?
Er moeten dus oplossingen bedacht worden om meer zonnepanelen te kunnen plaatsen. Een hulpmiddel daarbij is de ‘Zonneladder’, waarbij eerst wordt gekeken naar relatief ‘eenvoudige’ locaties zoals al bestaande daken en langs wegen en daarna pas naar locaties die minder wenselijk zijn, zoals op productieve landbouwgrond of rondom natuurgebieden.

Om dat door de gemeente gestelde doel te kunnen behalen, moet ofwel het eisenpakket om een locatie als ‘geschikt’ aan te merken voor een zonnepark naar beneden worden bijgesteld, ofwel het elektriciteitsnet worden uitgebreid. Dat konden klimaatadviseur Boris Hocks en ambtenaar Gerard Schönfeld de Boxtelse gemeenteraad vorige week mededelen bij het toelichten van de wind- en zonneambities in onze gemeente.

Dit laatste is het meest wenselijk, gezien het draagvlak bij inwoners. Er is dan echter haast geboden, aangezien regionale netbeheerder Enexis en landelijke netbeheerder TenneT niet verwachten voor 2027 de benodigde capaciteit te kunnen bieden. Van Ham laat weten dat netverzwaringen zolang duren door de benodigde vergunningen, inspraakprocedures, het opkopen van grond en het personeelstekort in technische beroepen dat Enexis Netbeheer daarbij parten speelt.

Ook kan de netbeheerder niet zomaar stations bijplaatsen, aangezien de bouw uitgebreid verantwoord moet worden. Dat heeft te maken met de Energiewet. Die maakt dat netbeheerders Enexis en TenneT pas de capaciteit mogen uitbreiden als daar concrete plannen aan ten grondslag liggen. Dus als de politiek nu plannen voor zonne- en windparken op de agenda te zet, kan de netbeheerder pas aan de slag.

Nieuwe hoogspanningsstations
En dan is er nog de locatie van nieuwe hoogspanningsstations, die volgens Enexis nodig zijn om het netwerk op te kunnen schalen. In Lennisheuvel ontstond in 2013 over zo’n verdeelstation een hoop ophef, vanwege de elektromagnetische straling die het station veroorzaakt en de vermeende geluidsproductie.

De andere route, het oprekken van de strenge eisen die de gemeente stelt aan de locaties van wind- en zonnevelden, is eveneens een lastige. Dat kan bijvoorbeeld betekenen dat zonneparken dichter bij de natuur worden gerealiseerd dan de gemeente nu wenselijk acht. Zo ver is het nog niet. Dat bleek ook vorige week dinsdag, toen bijvoorbeeld de CDA-fractie erop aandrong de Zonneladder te volgen.

Wijziging Energiewet
Er wordt door de gemeente met een schuin oog gekeken naar Den Haag, waar geluiden opgaan om de Energiewet aan te passen. Die aanpassing is nodig zodat de netbeheerder al op voorhand het netwerk uit kan breiden. Nu is daar nog altijd een directe aanleiding voor nodig in de vorm van concrete plannen. Met een aanpassing zou de netbeheerder zich beter kunnen voorbereiden op toekomstige ontwikkelingen die nog niet vastgelegd zijn.

Ook zouden door een wijziging in de wet reservecapaciteit, ofwel ‘spitsstroken’ van de ‘energiesnelweg’ opengesteld kunnen worden voor teruglevering. Nu liggen die 99 procent of meer van de tijd te wachten op een stroomstoring voordat ze gebruikt worden.

Daarnaast is de RES volgens Van Ham een stap in de goede richting. Hiermee worden de duurzame ambities en bijvoorbeeld de locaties voor zonneparken in een veel eerder stadium vastgelegd, waardoor de netbeheerder eerder kan anticiperen met netverzwaringen. “Samen tegelijkertijd bij de finish, dat is het doel”, aldus de woordvoerder.

Samenwerking buurgemeenten
Er is nog een derde oplossing denkbaar, maar daarvoor heeft Boxtel de buurgemeenten nodig. Mogelijk kan onze gemeente overeenstemming met de buren bereiken over het delen van zonne- en windparken en zo de ambities realiseren. Dat zou betekenen dat in goed overleg met Vught en Gestel windmolenparken gerealiseerd worden rond de gemeentegrenzen. Het noorden van Boxtel is daarbij het meest kansrijk.

Een ding is duidelijk, bleek vorige week: Boxtel kan niet op zijn lauweren rusten tot 2030. Er zal een flinke inspanning nodig zijn om de energiedoelstellingen te behalen. Gelukkig wordt die urgentie volgens Schönfeld niet alleen binnen de gemeente, maar ook bij de netbeheerders en in de landelijke politiek gevoeld.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *