“Kerst, Sinterklaas of crea-les, we máákten er wat van!”; na meer dan 40 jaar in het Boxtelse basisonderwijs nemen Ria, Pieternel en Marijke afscheid

Boxtel – De kans is groot dat je als je bent opgegroeid in Boxtel Oost op de een of andere manier in aanraking bent gekomen met Marijke Spierings, Pieternel Vervoort of Ria Brugmans. De leerkrachten gaven 44, 45 respectievelijk 46 jaar les op basisschool De Spelelier en de voorlopers daarvan. Wij spraken hen bij hun pensionering om terug te kijken op die periode en kregen een warm betoog voor het basisonderwijs en meer mannen voor de klas.

Ria, Marijke en Pieternel hadden zich hun afscheid anders voorgesteld. Dankzij de coronapandemie gebeurde dat vrijdag 3 juli in kleine kring. Maar het had óók veel slechter gekund, merkt Pieternel optimistisch op. “Het had ook gekund dat vrijdag 13 maart onze laatste dag was geworden”, blikt ze terug naar de sluiting van de basisscholen wegens het coronavirus.

Dat werd het niet. Gelukkig, want na samen 135 jaar in het basisonderwijs was dat wel een erg karig afscheid geweest. Honderden leerlingen hebben ze voorbij zien komen, inclusief ondergetekende, diens halfbroer en halfzus.

Het drietal oogt monter, ondanks de naderende pensioengerechtigde leeftijd. Pieternel nog met het haar zo kenmerkende rode piekhaar als uit haar begintijd. “Het is een cliché”, zeggen ze, “maar werken met kinderen houdt je écht jong!”

Start bij een naamloze school
Het drietal startte zo rond 1975 bij de toen nieuwe basisschool in Boxtel Oost. Die wijk groeide snel en de ook nieuwe openbare basisschool de Oosterpoort barstte al snel uit zijn voegen. Daarom werd de ‘tweede openbare kleuterschool’ geopend, toen nog in Duinendaal.

Ria Brugmans was in schooljaar 1974/1975 de eerste die in het Boxtels onderwijs kwam werken. In 1975 kiest ze voor een baan bij wat later De Brink zou gaan heten. “Ik had daarvoor een jaar bij de Angelaschool gewerkt, maar daar zat het leerlingenaantal toen een beetje op de wip”, verklaart ze haar keuze voor de overstap.

Ze werd vergezeld door een oude bekende; Pieternel Vervoort. Het tweetal groeide praktisch samen op in het naoorlogse Boxtel: dezelfde basisschool, daarna samen de mulo en samen de KLOS, de opleiding tot kleuterleidster. “Maar we hebben niet samen gesolliciteerd hoor”, lacht Ria. Toch kwam het tweetal weer samen bij de nieuwe school. Pieternel, ook lachend: “We hebben wel eens de grap gemaakt dat we ook nog samen naar Molenhof (een Boxtels seniorencomplex, red.) gaan.”

Marijke vergezelde het tweetal. “Super spannend was dat, zo’n nieuwe school!”, verklaart ze haar keuze. Ze kwam net van de lerarenopleiding en woonde destijds in Drunen. “Ik had met mijn man afgesproken dat we zouden gaan wonen waar de eerste van ons een baan vond.” Marijke won die ‘strijd’, dus koos het stel voor Boxtel.

Snelle groei
In 1976 vindt de school, die inmiddels De Brink heet een vaste locatie aan het Apollopad. Marijke is samen met collega Ruud Veldkamp verantwoordelijk voor het basisonderwijs van de nieuwe school, Ria en Pieternel ‘doen’ de kleuters.

Er is een grote vraag naar het openbaar jenaplanonderwijs dat de school aanbiedt, zo blijkt de daaropvolgende jaren. “Dat ging ráázend snel. De Oosterpoort was binnen een half jaar vol”, herinnert Pieternel zich nog. Ria: “Toen hebben ze snel een grens moeten stellen wie naar de Oosterpoort en wie naar de Brink mocht.”

Al in het eerste jaar zijn er drie kleuterklassen. In 1976 komen daar twee groepen 3, 4, 5, en één groep 6, 7, 8 bij. En zo groeide de nieuwe school in die jaren met één of twee klassen per schooljaar. Dat hadden er meer kunnen zijn als er geen postcode gebonden toelating op de openbare basisscholen was ingevoerd.

Kleine klassen betekenen meer aandacht
Gedurende de jaren zien de leerkrachten het beleid veranderen: grotere klassen, kleinere klassen en toch weer grotere klassen. Pieternel: “Ik vind het wel enerverend. We hebben volgens mij twaalf directeuren en ook twaalf ministers van Onderwijs meegemaakt. Of waren het er elf? Nou ja, het waren er in ieder geval evenveel. Ik heb dat ooit geteld.”

Pieternel heeft het allemaal zien gebeuren in de 45 jaar dat zij kleuterjuf was. “Kleine klassen dat werkt het fijnste”, is haar praktijkervaring. Wat dat betreft was de coronacrisis prettig voor de onderwijssituatie. Net na de heropening van de scholen werd om en om steeds aan de helft van de leerlingen les gegeven. Pieternel: “Met die halve groepjes was dat heel duidelijk. Extra aandacht doet groeien. Dat is zo belangrijk!”

Marijke vult haar aan: “Kinderen willen gezien worden.” Ria: “Ze hebben ook ervaren wat ze missen. Ze gingen ook uitkijken naar de kinderen die ze misten.” Het was voor de kinderen heel duidelijk dat de situatie uitzonderlijk was, volgens de drie docenten.

Corona
Maar de coronacrisis toonde ook aan hoe flexibel kinderen zijn. Pieternel: “Dat was duidelijk anders dan na een zomervakantie. Ze pakten het spel weer op en gingen gewoon door.”

Een andere bijkomstigheid van de coronacrisis was dat het digitale onderwijs definitief zijn intrede deed op de basisschool. Dat werd overigens al voorzichtig aan het eind van de vorige eeuw ingezet. “Wij moesten daar ook in groeien”, en Marijke vertelt hoe ze buiten schooltijd computerles kregen zodat zij hun kennis weer konden overbrengen op de leerlingen. Zo veranderde het onderwijs gaandeweg.

De wereld moet veranderen
Maar de kinderen, die bleven grosso modo hetzelfde, aldus het drietal. Zij zijn er niet van overtuigd dat ‘de jeugd van tegenwoordig’ verwend is. “De kinderen veranderen niet, het is de maatschappij die verandert”, ziet Marijke. Ria, lachend: “Maar dat moet ook, de wereld moet ook veranderen. Anders zouden wij nu nog met een typemachine werken.”

Dat relativeringsvermogen is ook iets wat een goede leerkracht mee moet brengen, denkt Pieternel. En een beetje humor. “Probeer met humor een beetje te relativeren”, geeft ze pabo-studenten als tip mee. “Geef de kinderen zelfvertrouwen”, vult Marijke aan. “En zorg dat je geniet”, vervolgt het drietal in koor.

Pleidooi voor meer mannen
Die pabo, daar zouden best wel wat meer mannen naartoe mogen, denken de juffen. Zij zien dat de vacatures die door hun vertrek zijn ontstaan ingevuld worden door vrouwen. “Wij maken ons daarover wel zorgen”, spreekt Marijke namens haar collega’s. “Dat mannen het vak niet meer kiezen. Jongens hebben een rolmodel nodig. Dit is dan ook een pleidooi voor mannen in het basisonderwijs!”

Dat blijkt ook uit onderzoek. Hoewel het te kort door de bocht is om te stellen dat mannelijke leerkrachten een positieve invloed hebben op de ontwikkeling van kinderen, tonen diverse onderzoeken aan dat een meer evenredige verdeling tussen mannen en vrouwen louter positieve effecten heeft. Dat geldt zowel voor de prestaties van de kinderen als op de hele onderwijscultuur, concludeert het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek.

Jenaplan
Dat het drietal het zo lang heeft volgehouden bij De Brink en later De Spelelier, komt onder meer door het jenaplanonderwijs. Het idee daarachter is dat kinderen elkaar met een beetje stimulatie op sleeptouw nemen. Dat zie je bijvoorbeeld in de gemengde groepen.

Ria: “Je bent een keer de jongste, maar ook een keer de oudste in de groep.” Marijke ziet een ander voordeel: “Het gaat de concurrentie ook een beetje tegen: nooit is iemand de slechtste of de beste.” Daarnaast kregen de leerkrachten de vrijheid om door de jaren heen verschillende groepen les te geven. Alleen Pieternel deed dat niet. Zij bleef altijd bij de kleuters. “Die zijn het leukste!”, lacht ze.

De drie juffen wijzen op het sterke groepsgevoel dat heerste bij De Brink. “Daar was iedere week een weekopening en een weeksluiting”, blikt Marijke terug. “Iedere week moest je iets produceren.” Toch ervaarde het drietal dat nooit als een last. “Of het nu Kerst was of Sinterklaas, of een crea-les, we máákten er wat van!” Ria: “En op die manier kende je de kinderen wel heel goed.”

Met plezier naar school gaan
Dan komt de leerkracht in Marijke naar voren. “Hoe heb jíj De Brink eigenlijk ervaren?”, vraagt ze mij. “Het is de enige school geweest waar ik me nooit een nummertje heb gevoeld”, vertel ik naar waarheid.

“Daar ben ik heel blij mee om dat te horen”, antwoordt Marijke. Ria en Pieternel vallen haar bij: “Daar staat de naam ook voor. De Spelelier; Spelen en Leren met Plezier.” Marijke: “Het doel is om ieder jaar kinderen met plezier naar school te laten gaan!”

En dat lukte, gezien de vele reacties die het drietal kreeg nadat hun afscheid bekend werd. Of de drie leraressen al toekomstplannen hebben? Ria en Pieternel nog niet. “Je moet niet te veel plannen na je pensionering”, vindt Pieternel. “Eerst een poosje rustig aan doen.” Marijke heeft al aangegeven dat ze in geval van nood nog wel eens wil invallen. Dat zal dan wel in haar agenda moeten passen, tussen het oppassen voor haar eerste kleinkind, dat onlangs geboren is. Want naast oud-leerkracht is Marijke inmiddels ook oma.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *